Beproevingen voor de Ziel I

beproeving

Bij het lezen van een hele serie van deze columns zal bij menig lezer de indruk zijn ontstaat, dat wij hier in de Hemel maar weinig moeten hebben van kerkordes. Dat kerkordes en -visies een totale afkeer bij ons oproepen als het gaat om wat ze werkelijk doen en wat ze beogen. Voor een deel van die indruk willen wij hier best verklaren, waarom er zeker wel een afkeer is. Maar het gaat hier om kerkordelijkheid. Binnen de dienaren van deze kerk houden wij ons graag vast aan de gedachte, dat iedere mensenziel een ‘vrije wil’ heeft en binnen die vrije wil ook niet bezig is, om de Kerk aan de Hemel te verkopen. Neen, de dienaren der Kerk hebben hun Geluk met zich dienstbaar voor de Kerk tonen. En als zij die dienstbaarheid uitvoeren met Liefde voor de mensen of God, dan is dat wat ons betreft geen bezwaar. Maar waar ligt dan wel het bezwaar, zult u vragen. Wel, dat bezwaar zit met name in de positie, die de Kerk inneemt, dan wel denkt te mogen innemen. Bij sommige van die Kerkordes leeft eenvoudigweg de gedachte, dat de mens zonder die (hulp van de) Kerk eenvoudigweg niet zal komen tot het Koninkrijk van de Hemel. En dan gaat het niet om de ‘Zuiverheid’ van de Ziel, maar om de Invloed, die de Kerk denkt te mogen hebben op die ‘Zuiverheid’. Nou, als u een trouw lezer bent, dan weet u, dat de Katholieke Kerk bij Ons niet echt op sympathie kan rekenen. Hun ‘Ware Kerk’-syndroom, hun ‘Apostolische Successie’ en hun “Werkelijke Tegenwoordigheid’ zijn voorbeelden, waarbij de gelovige niet zonder deze Kerk kan, om daar in zijn Ziel van te mogen Leven. Met andere woorden: ‘Je hebt hun priesters nodig om in de communie Jezus te ontvangen, je hebt hun Paus en Bisschoppencollege nodig, om de Waarheid van de Bijbel te kunnen doorgronden, (Magisterium) en die Kerk is de enige, die zich mag uitgeven als ‘Gezagdsdrager’. Maar niet alleen de Katholieke Kerk heeft zo zijn ‘streken’, ook bijvoorbeeld de Jehova’s Getuigen gaan ervan uit, dat alleen iemand, die lid is van hun club, gered zal kunnen worden door de Genade van God. Nog afgezien van de flauwekulbewering is het ook denigrerend naar de Hemel Zelf. Alsof de Hemel de Jehova’s nodig heeft, om orde op zaken te stellen. Niet gaan juichen, Katholieken, want de Hemel heeft voor die Hemelorde ook jullie niet nodig.

We nemen u vandaag mee, om u uit te leggen, waarom de Hemel daar zo streng over is. Want daar is een duidelijke reden voor, die niet alleen maar gaat over de Katholieken met hun rijke, maar leegstaande kerken en als Rentmeesters en Notariskerken de baas willen spelen over de wereld. Het gaat ook niet over de Jehova’s zelf, die met veel respect met elkaar omgaan. Neen, niets van dat al. En om het u duidelijk uit te leggen, nemen wij u vandaag mee naar de woestijn. De woestijn, waar Jezus door de beproever op de proef wordt gesteld. Het verhaal uit de Bijbel, zoals verwoord in Mattheus 4 1-11.

Allereerst is het niet de discussie, of dit verhaal waar gebeurd is. Dat is ook niet echt interessant, als het gaat om de betekenis van het geschrevene. Het is geen verzinsel. Maar zoals het met vele Bijbelse verhalen het geval is; het is een metafoor van een voorbeeld van hoe men verleid zou kunnen worden. Dat men dit hele gebeuren naar Jezus toe heeft geschreven, of zelfs aan hem toegeschreven heeft, dat maakt het alleen maar gewichtiger door de verteller en voor de lezer. Maar denkt u nu werkelijk, dat er ook maar iemand zou hebben kunnen bestaan, die Zijn Liefde en Waarheid in Zijn Ziel levend, ook maar een moment in diskrediet had kunnen brengen? Dat gelooft u toch niet echt, hè, hopen we. De werkelijke betekenis ligt in de spiegel van dit verhaal. Het gaat niet om Jezus, het gaat om u.

En om u te bewijzen, dat het gaat om een metafoor, houden wij u dit graag voor. Stel, dat dit een authentiek verhaal zou zijn, denkt u dan, dat Jezus het een goed idee zou hebben gevonden, dat iemand daar in die woestijn een getuigenverslag had mogen of kunnen geven? Of dat Hij daar überhaupt met wie dan ook over gesproken zou hebben? Of denkt u soms, dat Jezus na afloop van dit treffen met de verleider naar een van die Bijbelse schriftsteller zou zijn gestapt met de woorden: ‘Nou zeg, wat mij nou net is overkomen…’

Morgen deel twee

Geef een reactie